+3228969500 Info@naparbelgium.org

Brussel, 9 november 2021

Nu de Brusselse Assisen tegen racisme ten einde lopen, is het tijd om de balans op te maken. Voor de NAPAR Coalitie – een collectief van 65 maatschappelijke organisaties – waren de hoorzittingen met deskundigen in het Brussels parlement een nieuwe en veelbelovende oefening, maar er moet nog veel gebeuren.

Het welslagen van het Brusselse actieplan tegen racisme zal afhangen van een stevig monitoringcomité voor het plan, en het geven van absolute prioriteit aan acties ter bestrijding van structureel en institutioneel racisme.

We moeten absoluut vermijden terug te vallen in de valkuilen van de “Commissie voor de interculturele dialoog” (2004) en de “Rondetafels van de interculturaliteit” (2010). Deze politieke initiatieven hebben toen uitgemond in een catalogus van goede bedoelingen, maar hebben niet geleid tot concrete actie op het terrein. Om tot een optimaal Brussels plan te komen, ziet de NAPAR Coalitie twee bepalende factoren:

  1. Een doorgezette betrokkenheid van mensen met een migratieachtergrond uit het middenveld bij de ontwikkeling van het plan.
  2. Voortdurend toezicht op en evaluatie van het plan.

Om de acties van het plan te optimaliseren, is er voor het antiracistische middenveld en de academische wereld een belangrijke rol weggelegd bij het geven van feedback tijdens de redactie van de acties van het actieplan. Ten tweede zou de oprichting van een comité van toezicht op het plan, waarbij het middenveld volwaardig wordt betrokken, garanderen dat het plan effectief wordt uitgevoerd, geëvalueerd en bijgestuurd. Deze fundamentele punten werden in andere participatieve actieplannen over het hoofd gezien.

De NAPAR Coalitie merkte ook op dat er tijdens de sessies veel actievoorstellen werden gedaan. De uitdaging van deze Assisen ligt in de politieke moed om prioritair de institutionele en structurele belemmeringen aan te pakken die de deelname en de volledige ontplooiing van alle Brusselaars in de weg staan.

Voor de arbeidsmarkt betekent dit een algemene toelating om levensbeschouwelijke tekens te dragen in alle Brusselse administraties. Het voorbeeld van Actiris is in dit verband inspirerend. Sinds 2015 staat Actiris toe dat al zijn werkne.e.m.st.ers levensbeschouwelijke tekens dragen. Dit besluit heeft op geen enkele wijze afbreuk gedaan aan de onpartijdigheid of de kwaliteit van de dienstverlening.

Daarnaast zijn praktijktesten ook van cruciaal belang in de strijd tegen discriminatie op de arbeids- en de huisvestingsmarkt.

Vandaag werd er bijna geen enkele praktijktest gevoerd ten gevolge van een klacht. Het is echter niet aan de doorsnee weggebruiker om snelheidsovertredingen te melden, maar aan de overheid om flitspalen te plaatsen. Hetzelfde zou moeten gelden voor de bestrijding van racisme: het Brusselse plan zou de arbeids- en huisvestingsinspecties moeten voorzien van juridische, financiële en personeelsmiddelen, zodat zij het non-discriminatiebeginsel kunnen doen naleven. Dit kan desgeval sancties voor overtreders omvatten.

In dit stadium van preconclusies betreuren wij voorts het ontbreken van een echt cocreatie-proces met het middenveld, en het ontbreken van een goede vertegenwoordiging van de actoren die bij de verschillende thema’s in verband met racisme betrokken zijn. Wij stellen ook vast dat de door racisme getroffen groepen onzichtbaar worden gemaakt.

Uit onze analyses blijkt voorts dat het ontbreken van etnische statistieken een van de eerste hinderpalen voor antiracistisch beleid is. Er is sprake van een juridisch vacuüm dat het maken van een goede omgevingsanalyse en een nauwkeurige visie op ongelijkheden in de weg staat. Bij gebrek aan etnische statistieken kunnen deze ongelijkheden niet nauwkeurig worden benoemd. Dit wekt de facto de indruk dat ze niet bestaan.

Ten slotte blijft een ander groot probleem het extreem versnipperde Belgische politieke landschap. De talrijke institutionele onderverdelingen leiden tot een buitensporige verdeling van de bevoegdheden met een vermenigvuldiging van actoren, tussenpersonen en ambtenaren.

De woordvoerders van de NAPAR Coalitie, Maguy Ikulu en Amina Odofin, staan ter uw beschikking voor vragen of aanvullende informatie.